Parknieuws

Portret van bewoner – Heleen

“De aarde heb ik altijd veel interessanter gevonden dan de hemel”

Ik ben geboren in de Zaanstreek, in een katholieke familie, en op mijn zeventiende naar Wageningen verhuisd. Via de grote antikruisraketten demonstratie in Amsterdam in 1981 raakte ik in de vredesbeweging verzeild. In Woensdrecht, waar kruisraketten gestationeerd zouden worden, deed ik mee aan de twee dagelijkse gebedswaken van de Franciscaanse vredeswacht bij de hoofdpoort. 

Na mijn tijd in Wageningen verkaste ik op mijn zevenentwintigste naar Rotterdam waar ik een half jaar in een religieuze leefgemeenschap woonde. Daar werden jonge mannen, ex-verslaafden, opgevangen. Dit was een intensieve en leerzame periode. Uiteindelijk ben ik weggegaan omdat ik te dicht op mijn werk zat en het niet langer kon volhouden.

Maar toen ik uit de gemeenschap in Rotterdam wegging, had ik geen dak meer boven mijn hoofd; toen had ik dus zelf opvang nodig. Gelukkig kon ik terecht bij de Zusters van Onze Lieve Vrouw in Amersfoort. Een kloostergemeenschap waar ik twaalf-en-een-half jaar heb gewoond. In die tijd ging ik theologie studeren, een studie die acht jaar duurde. In 2002 verliet ik deze gemeenschap. Mijn huisgenoten waren allemaal een stuk ouder en ik wilde weer alleen wonen om rust te kunnen ervaren. 

Na mijn studie ging ik in het onderwijs. Ik gaf godsdienstles aan HAVO- en VMBO-leerlingen. Met de leerlingen die op het VMBO zaten, lukte het me het best om op een goede manier vorm aan de lessen te geven. Ik merkte dat zij iets met de lessen moesten kunnen, waar ze concreet in hun dagelijkse leven mee te maken hadden.  Naast lesgeven, zat ik in het katholieke jongerenwerk. 

Toen ik wegging uit het klooster ben ik op een camping in Soest en later in Rhenen gaan wonen. Eerst nog in een stokoude toercaravan en later in een stacaravan. Inmiddels werkte ik al in Utrecht. Na zes jaar aan de bosrand te hebben gebivakkeerd, wilde ik niet meer in de stad wonen. Via een gemeen-schappelijke vriendin van de vorige bewoonster hoorde ik dat er een plek op het park vrij kwam. 

Ik was meteen verliefd. Het lukte met enig kunst- en vliegwerk om genoeg geld bij elkaar te krijgen om het chalet te kopen, en zo kwam ik in november 2008 op het park te wonen. Ik was met de halve wereld bezig geweest en vond dat ik ook wel wat voor mijn eigen leefomgeving mocht doen. Daarom ben ik in het bestuur gegaan, eerst als secretaris en later (in 2015) als penningmeester. In korte tijd heb ik veel mensen leren kennen. 

Toen ik op Molenpolder kwam te wonen begon ik naar de kerk te gaan in de Johannesgemeente in Overvecht, dat is een protestantse gemeente. Ik merkte dat ik me niet meer thuis voelde in het benauwde klimaat van het instituut van de Rooms Katholieke kerk. In de Johannesgemeente voelde ik me veel beter thuis. Uiteindelijk ben ik in 2013 van de RK kerk overgestapt naar de Protestantse Kerk in Nederland. 

Nu heb ik me altijd geroepen gevoeld om in de kerk voor te gaan, maar binnen de RK kerk kunnen vrouwen geen priester worden. In de protestantse kerk is dat anders, daar kun je als vrouw wel dominee worden. Na mijn overstap ben ik hierover gaan praten met het hoofdbestuur van de PKN, en in het voorjaar van 2014 ben ik naast mijn werk begonnen met de predikantenopleiding. In de zomer van 2018 heb ik die afgemaakt, en sinds eind september ben ik officieel kandidaat-predikant.

Kerk en geloof zijn dus belangrijk in mijn leven, maar vooral met de vraag wat ik er ‘in de wereld’ mee kan. De aarde heb ik altijd veel interessanter gevonden dan de hemel. Daarom kwam ik ook in de vredesbeweging terecht kwam, en later in Rotterdam. En in het parkbestuur, want daar proberen we toch ook met elkaar – naar ons beste kunnen – om het park voor iedereen een thuis te laten zijn.

Sinds de legalisatie in 2016 is er een verjongingsgolf op het park gekomen. Nieuwe bewoners die er bewust voor kiezen om buiten te wonen. Het woord is aan de volgende generatie.